Roald Dahl

Wie heeft er als kind nooit de boeken van Roald Dahl gelezen. Waar ieder kind een held is en volwassen de slechterikken zijn, toch is in ieder boek 1 volwassene goedaardig :-) Urenlang kon ik in de boeken lezen, naar de verfilming kijken, etc..

Vandaag ik het 95 jaar geleden dat Roald Dahl geboren werd, hij stierf op 74 jarige leeftijd, maar zijn boeken zullen altijd blijven voortleven en zal ieder kind doen genieten!

Mijn favoriete boek is 'Daantje de wereldkampioen', Daantje woont bij zijn vader op een tankstation. Zijn vader leert hem voor hij naar school gaat hoe hij een motor van een auto uit elkaar moet halen en in elkaar moet zetten. Ook doet hij leuke dingen met Daan zoals vliegeren en het oplaten van een zelfgemaakte vuurballon. Op een nacht komt zijn vader echter pas heel laat thuis, en dan komt het geheim naar boven. Zijn vader is stroper van fazanten, en zijn grootvader was nog een veel groter stroper. Daantje verzint zelf een stroopmethode. In het bos van meneer Hazel, met wie ze nog een appeltje te schillen hebben, voeren ze de fazanten rozijnen met slaapmiddel. Ze vangen honderdtwintig fazanten, en daarmee is Daantje wereldkampioen! Als ze thuis zijn met de fazanten, ontsnappen er weer een heleboel, doordat ze wakker worden. Meneer Hazel, die verhaal komt halen, vangt bot en zijn witte Rolls Royce raakt beschadigd en bevuild. Ook blijven er genoeg fazanten voor Daan en zijn vader over als "loon naar werken".

Gelukkige verjaardag Roald Dahl!

Enkele van zijn boeken:

* De Gremlins
De gremlins zijn kwaad op de Engelsen omdat zij hun mooie leefgebied, het bos, hebben vernield om daar een vliegtuigfabriek aan te leggen. De gremlins besluiten om de Engelse vliegtuigen te saboteren. De hoofdpersoon in het boek, Gus, is een slachtoffer van de sabotage van een gremlin. Zijn vliegtuig begeeft het boven Het Kanaal. Tijdens Gus' vlucht met de parachute weet hij de gremlin ervan te overtuigen dat ze samen moeten werken tegen de vijand: Hitler en de nazi's. De gremlins worden heropgeleid om de Royal Air Force te helpen met het repareren van vliegtuigen en niet meer te saboteren.

* De reuzenperzik (James and the Giant Peach)
Het verhaal draait om een jongen genaamd James. Hij moet nadat zijn ouders zijn gedood door een uit de dierentuin ontsnapte neushoorn gaan wonen bij zijn tantes Spons en Spijker. Ze zorgen niet goed voor hem en James moet van hen aldoor werken.

Op een dag krijgt James toverkruid van een oud mannetje. Het mannetje zegt: "Gebruik het goed, maar één korreltje is genoeg!" James pakt het toverkruid aan, maar morst het per ongeluk bij een oude perzikenboom. Dit heeft verstrekkende gevolgen: binnen een dag groeit er aan de boom een kolossale perzik. Niemand weet hoe dit mirakel gebeurd is, behalve James. Zijn tantes maken van de perzik meteen een attractie om grof geld te verdienen aan de toeristen die de perzik komen bezichtigen.

Op een nacht sluipt James naar de perzik. Hij ontdekt een tunnel in het vruchtvlees, welke rechtstreeks naar de pit leidt. De pit blijkt hol te zijn. In de pit ontmoet James een aantal insecten (een spin, een regenworm, een duizendpoot, een zijderups, een glimworm, een oude sprinkhaan, en een lieveheersbeestje), die ook door het toverkruid zijn geraakt en zo zijn uitgegroeid tot menselijk formaat. Tevens blijken ze nu te kunnen spreken. James blijft die nacht bij hen, en maakt met hen plannen om het huis van zijn tantes te verlaten. De volgende ochtend maakt de groep de perzik los van de boom. De perzik rolt vervolgens van de heuvel waar het huis op staat naar zee, en verplettert daarbij James’ tantes.

Op zee wordt de perzik aangevallen door haaien. Om te ontsnappen laat James de zijderups en de spin een groot aantal draden maken, die hij als een lasso om een groep van 500 zeemeeuwen gooit. De meeuwen tillen de perzik uit het water en vliegen er mee weg. Wat volgt is een opmerkelijke reis door de lucht waarbij de groep een aantal keer in aanraking komt met zogenaamde wolkenmannen, mensachtige wezens gemaakt van wolken.

Uiteindelijk belandt de perzik in New York City. Daar wordt de perzik even aangezien voor een vijandig wapen, maar het misverstand wordt al snel opgehelderd, waarna de groep welkom wordt onthaald. Alle insecten vinden werk in de stad, terwijl James zijn intrek neemt in de pit van de perzik, die als monument in Central Park wordt neergezet.

* Sjakie en de chocoladefabriek (Charlie and the Chocolate Factory)
Sjakie Stevens (Engelse naam Charlie Bucket) is een arm jongetje. Hij woont samen met zijn grootouders, vader en moeder in een klein huisje in dezelfde stad als de beroemde chocoladefabriek van Willy Wonka. Willy Wonka staat bekend als de beste producent ter wereld van chocola en ander snoepgoed. Hij heeft dingen uitgevonden die nog niemand had kunnen maken, zoals ijs dat nooit smelt of kauwgom die nooit zijn smaak verliest. Zijn fabriek is echter gehuld in mysteries. Al jaren heeft Wonka zich niet in het openbaar vertoond en in zijn fabriek lijken geen mensen te werken want de deuren zijn altijd gesloten.

Op een dag wordt een wedstrijd uitgeschreven. In vijf van de chocoladerepen van Wonka bevindt zich een Gouden Toegangskaart. De vijf kinderen die zo'n kaart vinden, mogen de fabriek bezoeken. Sjakie wil graag naar binnen, maar zijn ouders zijn erg arm en kunnen zich geen chocolade permitteren, afgezien van een reep voor Sjakies verjaardag. Als Sjakie op straat een tientje vindt, besluit hij er een Wonka-reep van te kopen. In die reep vindt Sjakie geen gouden toegangskaart maar hij besluit er nog een te kopen en daar zit de laatste gouden toegangskaart in. Nu mag hij een bezoek brengen aan de fabriek, samen met vier andere kinderen

* Daantje de wereldkampioen (Danny the Champion of the World)
Daantje woont bij zijn vader op een tankstation. Zijn vader leert hem voor hij naar school gaat hoe hij een motor van een auto uit elkaar moet halen en in elkaar moet zetten. Ook doet hij leuke dingen met Daan zoals vliegeren en het oplaten van een zelfgemaakte vuurballon. Op een nacht komt zijn vader echter pas heel laat thuis, en dan komt het geheim naar boven. Zijn vader is stroper van fazanten, en zijn grootvader was nog een veel groter stroper. Daantje verzint zelf een stroopmethode. In het bos van meneer Hazel, met wie ze nog een appeltje te schillen hebben, voeren ze de fazanten rozijnen met slaapmiddel. Ze vangen honderdtwintig fazanten, en daarmee is Daantje wereldkampioen! Als ze thuis zijn met de fazanten, ontsnappen er weer een heleboel, doordat ze wakker worden. Meneer Hazel, die verhaal komt halen, vangt bot en zijn witte Rolls Royce raakt beschadigd en bevuild. Ook blijven er genoeg fazanten voor Daan en zijn vader over als "loon naar werken".

* De griezels (The Twits)
Meneer en mevrouw Griezel zijn een gemeen, stinkend en lelijk echtpaar dat elkaar voortdurend het leven zuur maakt. Tegelijkertijd pesten en mishandelen ze dieren. Ze vangen vogels door lijm op de takken te smeren waarna ze verwerkt worden tot vogelpastei. Hun apen laten ze verplicht op de kop staan. Op een dag verschijnt de rolmopsvogel. Hij helpt de dieren om voorgoed van het verschrikkelijke echtpaar af te komen. Dit is de wraak waar de dieren al zolang op zinnen.

Samen zorgen ze ervoor dat de Griezels ondersteboven gezet worden, net zolang tot ze door de zwaartekracht ineenkrimpen.

* De GVR (The BFG)
http://nl.wikipedia.org/wiki/De_GVR

* De Heksen (The Witches)
Het verhaal begint met een introductie over hoe de heksen in het boek zijn. Volgens de verteller zijn echte heksen geen oude vrouwen met puntmutsen die op bezemstelen door de lucht vliegen, maar een stuk griezeliger en gevaarlijker. Ze zien eruit als normale vrouwen, maar dat is slechts een vermomming. Om ze te herkennen moet men een geoefende waarnemer zijn. Heksen dragen allemaal pruiken want ze zijn kaal. Omdat pruiken jeuken krabben ze zich voortdurend. Verder heeft een heks grote gewelfde neusgaten, ogen die van kleur veranderen en ze draagt altijd handschoenen omdat ze geen handen heeft, maar klauwen. Ook, maar dat is minder goed te zien, is hun speeksel blauw. En ten slotte kunnen ze moeilijk hun voeten in schoenen krijgen omdat ze geen tenen hebben. Ze haten kinderen, want die ruiken voor hen naar hondenpoep. Bovendien zijn het demonen die alleen maar kwaad in de zin hebben.

De rest van het boek draait om een jongetje wiens oma een heksen-expert is. Hij heeft zijn ouders verloren door een auto-ongeluk en heeft alleen zijn oma nog. Tijdens een vakantie in Engeland verblijven de hoofdpersoon en zijn oma in het hotel waar alle heksen van Engeland hun jaarlijkse bijeenkomst houden. De hoofdpersoon raakt per ongeluk in de vergaderkamer waar de heksen bijeenkomen. De jongen verstopt zich en ziet hoe de heksen hun ware gedaante tonen, als de pruiken, schoenen en handschoenen afgaan, en de Opperheks binnenkomt. Deze Opperheks kan iemand met straling uit haar ogen doden en is het gruwelijkst van allemaal.

* Matilda
Matilda is een jong, slim meisje van vijf jaar dat erg van lezen houdt. Haar ouders, meneer en mevrouw Wurmhout, houden zich niet met Matilda bezig maar meer met televisiekijken en het belazeren van mensen. Matilda's vader is een oplichter die tweedehands auto's verkoopt voor een veel te hoge prijs. Haar moeder is een geblondeerde verwende vrouw die alleen maar televisie kijkt. Ze zijn niet trots op hun slimme dochter, maar vinden haar maar vervelend en betweterig. Haar broer Michiel krijgt alle aandacht, en haar vader probeert hem te leren hoe hij later ook mensen kan oplichten.

Matilda besluit hen, en dan met name haar vader, te straffen. Dit doet ze door streken met haar vader uit te halen, een streek voor iedere keer dat haar vader gemeen tegen haar is. Zo doet ze secondenlijm op zijn hoed waardoor hij die niet afkrijgt, en verwisselt ze zijn haargel met haar moeders blondeermiddel. Dit heeft inderdaad ten gevolge dat hij zich iets beter gedraagt.

Als ze naar de basisschool gaat, ontdekt haar schooljuf dat Matilda hoogbegaafd is. Ze sluit een bijzondere vriendschap met juf Engel, die net als de kinderen ook erg bang is voor het schoolhoofd, Agatha Bulstronk, het vreselijkste schoolhoofd ooit, dat kinderen haat. Juf Bulstronk is Olympisch kampioen kogelstoten en demonstreert dit regelmatig met kinderen. Bulstronks favoriete straf voor kinderen is opsluiting in het Stikhok: een smalle kast met spijkers en glasscherven aan de binnenkant. De kast is ongeveer 30 bij 30 centimeter, dus wie in de kast is opgesloten kan vanwege de scherpe spijkers en scherven slechts stijf rechtop staan zo lang de straf duurt, 2 of soms wel 24 uur.

Iedere week komt juf Bulstronk een uur lesgeven aan Matilda's klas waar ze met terreur regeert. Bovendien komt Matilda erachter dat juf Bulstronk juf Engels tante is en het huis en salaris van juf Engel heeft ingepikt.

Juf Engel probeert Matilda in een hogere klas te plaatsen, maar Bulstronk wil daar niks van weten. Matilda moet noodgedwongen in de eerste klas blijven waar ze zich doodverveelt. Hierdoor kan haar mentale energie geen uitweg vinden en ontwikkelt ze een telekinetische gave. Matilda besluit om deze gave te gebruiken om juf Bulstronk te verslaan, wat uiteindelijk ook lukt. Matilda's ouders besluiten het land te verlaten omdat de grond Matilda's vader wat te heet onder de voeten wordt. Ze hebben nooit veel om Matilda gegeven en laten ook toe dat zij bij juf Engel gaat inwonen.